Advanced   Java   Services Die holländischen Sprichwörter Back Next Up Home


Pieter Bruegel

(about 1525-69), usually known as Pieter Bruegel the Elder to distinguish him from his elder son, was the first in a family of Flemish painters. Pieter Bruegel the Elder, generally considered the greatest Flemish painter of the 16th century, is by far the most important member of the family. He was probably born in Breda in the Duchy of Brabant, now in The Netherlands. Accepted as a master in the Antwerp painters' guild in 1551, he was apprenticed to Coecke van Aelst, a leading Antwerp artist, sculptor, architect, and designer of tapestry and stained glass. Bruegel traveled to Italy in 1551 or 1552, completing a number of paintings, mostly landscapes, there. Returning home in 1553, he settled in Antwerp but ten years later moved permanently to Brussels. He married van Aelst's daughter, Mayken, in 1563. His association with the van Aelst family drew Bruegel to the artistic traditions of the Mechelen (now Malines) region in which allegorical and peasant themes run strongly. His paintings, including his landscapes and scenes of peasant life, stress the absurd and vulgar, yet are full of zest and fine detail. They also expose human weaknesses and follies. (taken from the Bruegel site of the famous webmuseum)


Die holländischen Sprichwörter
Gemäldegalerie der Staatlichen Museen zu Berlin

HollaendischeSprichwoerterKlein.jpg

Ein Click auf den obigen Button öffnet ein großes Bild, auf dem Sie die Sprichwörter suchen können. Da das Bild eine gute Qualität hat, dauert es je nach Verbindung einige Zeit, bis das große Bild geladen ist. Immer wenn der Handcursor erscheint, haben Sie ein Sprichwort gefunden. Dazu leuchtet die Stelle, die das Sprichwort darstellt transparent rot auf und in der Statuszeile steht das Sprichwort auf holländisch, die deutschen Übersetzungen folgen noch. Bei einer Bildschirmauflösung von 1024 x 768 oder höher sollte das Bild vollständig zu sehen sein, wenn Sie den Appletframe maximieren. Sie können den Appletframe schließen und über den Button wieder neu öffnen.

In diesem berühmten Bild von Pieter Bruegel d.Ä. sind vielleicht 126 Sprichwörter versteckt. Viele der Sprichwörter existieren noch heute im holländischen, nicht wenige von ihnen sind jedoch ausgestorben. Sehr oft gibt es ähnliche Sprichwörter in der deutschen Sprache. Im folgenden sind 126 Sprichwörter alphabetisch in der Originalsprache aufgelistet. Wieviel es genau sind, weiß wohl niemand. Das Bild ist seit Jahrzehnten Gegenstand von Forschungen, viele Bilddeutungen sind umstritten, für manche gibt es mehrere Erklärungsversuche. Hinter einer Reihe von Bildmotiven vermutet man Sprichwörter. Daher ist die Anzahl der Sprichwörter nicht gesichert. Die jahrzehntelangen Bemühungen, "alle" enthaltenen Sprichwörter zu finden, bringen immer wieder neue Bildmotive, die als Sprichwörter enttarnt werden, zu Tage. Diese Auflistung ist einer holländischen Seite entnommen. Nach dieser Auflistung finden Sie die von mir gefundenen Quellen, die mich zur Anfertigung dieses Applets inspiriert haben.

  1. Aan de veren kent men de vogel
  2. Aan een been knagen
  3. Aan een oud dak moet je veel herstellen
  4. Achter het net vissen
  5. Als de ene blinde de ander leidt vallen ze beiden in de gracht
  6. Als het kalf verdronken is dempt men de put
  7. Bij de duivel te biecht gaan
  8. Bij iemand in het krijt staan
  9. Daar hangt de po uit
  10. Daar hangt de schaar uit
  11. Daar hangt het mes uit
  12. Daar staan klompen
  13. Daar steekt meer in dan een enkele panharing
  14. Daar zijn de daken met vlaaien bedekt
  15. Dat hangt als een schijthuis boven de gracht
  16. De beren zien dansen
  17. De bezem uitsteken
  18. De bijl naar de steel werpen
  19. De bok slepen
  20. De cappe op den thuyn hangen
  21. De duivel op het kussen binden
  22. De een rokkent wat de ander spint
  23. De een scheert schapen, de ander varkens
  24. De ene bedelaar ziet de ander niet graag voor de deur staan
  25. De ene pijl de andere nazenden
  26. De galg beschijten
  27. De gekken krijgen de beste kaarten
  28. De grote vissen eten de kleine
  29. De haan en de vos hebben elkaar te gast
  30. De hennentaster
  31. De hond in de pot vinden
  32. De kat de bel aanbinden
  33. De kruik gaat zolang te water tot zij berst
  34. De omgekeerde wereld
  35. De ooievaar nakijken
  36. De reis is nog niet ten einde als men kerk en toren herkent
  37. De rook kan het hangerijzer niet deren
  38. De spindel valt in het vuur
  39. De teerling is geworpen
  40. De zeug loopt met de tap weg
  41. De zon niet in het water kunnen zien schijnen
  42. Den harinck braden om den roge oft kuyt
  43. Die draghen dwater in deene hant ende in dander tfier, geloef hem niet, daer no hier
  44. Die zijn pap gemorst heeft kan niet alles weer oprapen
  45. Door de mand vallen
  46. Door het oog van de schaar trekken
  47. Dune moets niet ute anders mans siden, eneghen breden rieme sniden
  48. Een aal bij de staart hebben
  49. Een deksel op zijn kop hebben
  50. Een ei in het nest laten
  51. Een gat in het dak krijgen
  52. Een hark zonder steel
  53. Een kaars voor de duivel branden
  54. Een morse muur is snel afgebroken
  55. Een oogje in het zeil houden
  56. Een oorblazer
  57. Een pilaarbijter
  58. Een schuimspaan zijn
  59. Een stok in het wiel steken
  60. Elkaar bij de neus nemen
  61. Ergens de gek mee scheren
  62. Gode enen vlassenen baert maken
  63. Hem roeckt niet wiens huys dat brant, als hi hem by de colen wermen mach
  64. Het bijltje zoeken
  65. Het is gezond om in het vuur te pissen
  66. Het is maar hoe de kaarten vallen
  67. Het is onder het hoedje gespeeld
  68. Het varken is door de buik gestoken
  69. Hi cust het rinscken van der deuren
  70. Hi speelt op die kake
  71. Hij draagt de dag met manden uit
  72. Hij kan door een eiken plank zien als er een gat in zit
  73. Hij laat de wereld op zijn duim draaien
  74. Hij loopt alsof hij het vuur in zijn aars heeft
  75. Hij vangt vissen met zijn handen
  76. Iets door de vingers zien
  77. In het harnas steken
  78. Lachen als een boer die kiespijn heeft
  79. Liefde is waar de geldbuidel hangt
  80. Men heeft daar latten op het dak
  81. Men kan niet gapen tegen een oven
  82. Men moet de schapen scheren al naar ze wol hebben
  83. Men moet zich krommen, wil men door de wereld kommen
  84. Met hem kan men geen spies draaien
  85. Met het hoofd tegen de muur lopen
  86. Met moet geen rozen (paarlen) voor de zwijnen werpen
  87. Naar het kippenei grijpen en het ganzenei laten lopen
  88. Niemand zo fijn iets spon of het kwam aan het licht der zon
  89. Niemant en soeckt de anderen in den oven of hi hefter selver in gewest
  90. Niet van het ene brood tot het andere weten te geraken
  91. Nood doet oude quenen draven
  92. Onder de bezem getrouwd zijn
  93. Onwert dieghene talre stont, die twee tonghen draghen in den mont
  94. Op de wereld schijten
  95. Op hete kolen zitten
  96. Paardenkeutels zijn geen vijgen
  97. Pluimen in de wind waaien
  98. Schelvis uitwerpen om kabeljauw te vangen
  99. Si trecken omt lanxte
  100. So ras het hecken van de dam is, lopender de verckens in het koren
  101. Tegen de maan pissen
  102. Tegen de stroom is het kwaad roeien (zwemmen)
  103. Tot de tanden bewapend zijn
  104. Tussen hemel en aarde hangen
  105. Tussen twee stoelen in de as zitten
  106. Twee honden aen eenen beene, si draghen selden wel overeene
  107. Twee vliegen in één klap slaan
  108. Twee zotten onder één kaproen
  109. Uit het raam groeien
  110. Uit hetzelfde gat schijten
  111. Van de os op de ezel springen
  112. Veel geschreeuw en weinig wol
  113. Voor wint ist goet seylen
  114. Waar aas is vliegen kraaien
  115. Wat heb je aan een mooi bord als het leeg is?
  116. Wie weet waeromme die ganzen bervoets gaan?
  117. Wilde beeren, die sijn by den ander gheeren
  118. Zij hangt haar man de blauwe huik om
  119. Zijn gat aan de poort vegen
  120. Zijn geld in het water gooien
  121. Zijn huik naar de wind hangen
  122. Zijn last dragen
  123. Zijn licht ergens op laten schijnen
  124. Zijn pijlen verschieten
  125. Zo mak als een lammetje
  126. Zorg dat daar geen zwarte hond tussen komt


Quellen

www.literatuurgeschiedenis.nl/inhoud.asp?rubriek=spreekwoorden

Eine Liste der Sprichwörter und ein JavaScriptFenster. Klickt man auf ein Sprichwort, so erscheint ein sehr großer ToolTip mit dem Sprichworttext, der allerdings andere Teile des Bildes verdeckt. Die Liste der Sprichwörter wurde von dieser Seite übernommen. Die Liste dieser Seite ist nicht kommentiert. Ein Autor oder Autoren werden nicht genannt.

Frank Detje
Über die Kunst, Metaphern zu mischen
Einladung zu einer Diskussion über Pieter Bruegels Bild "Die holländischen Sprichwörter", 1559


Eine herausragende Zusammenstellung. Wohl das Beste, was es zu diesem Thema gibt. Detje äußert übrigens die Vermutung, daß die Größenordnung der Anzahl der Sprichwörter wohl eher bei 150 liegt und daß viele Bildausschnitte mehrere Sprichwörter gleichzeitig darstellen. Detjes Arbeiten enthalten u.a.

Außerdem hat Detje alle verfügbaren sogenannten Klickbilder zusammengestellt. Es sind dies in HTML geschriebene Dateien, die das Bild in verschiedene Bereiche aufteilen. Klickt man auf einen Sprichwortbereich, so wird dieser angezeigt. Hier eine Liste der Klickbilder.

Die noch folgenden Übersetzungen der Sprichwörter in die deutsche Sprache werden sich hauptsächlich auf die Arbeiten von Dundes & Stibbe und Grosshans stützen.

Valid XHTML 1.0 Transitional
top Back Next Up Home